De W van Wesley

Het is de dag die je wist dat zou komen. De dag waarop alles oranje is, waarop mensen met wortels op hun hoofd de polonaise lopen en waarop je iedere keer dat iemand drie vingers in de lucht steekt denkt:

© ANP

Door Thijs Zonneveld

Hoe zou het toch met de W van Wesley Sneijder zijn?

Drie jaar geleden gaven we een feestje waarop Koning Wesley de Eerste de eregast was. Hij had ons wereldkampioen gemaakt (nou ja, bijna, maar in Nederland is tweede ook een goede reden om in de grachten te verzuipen en we-zijn-er-weer-bij-en-dat-is-prima te zingen) en Wesley was de grootste man van Nederland. Figuurlijk dan.

Wesley was onoverwinnelijk. Hij had de mooiste vrouw, het meeste salaris en de grootste auto. Op het veld veranderde alles wat hij aanraakte in goud. Ieder schot op doel was raak, iedere trap naar voren was een geniale pass.

De bal luisterde naar hem, en naar hem alleen. Of het nu voor Inter of Oranje was: Wesley fluisterde het ding in de bovenhoek op ieder gewenst moment, met een traptechniek zo mooi dat je er een kunstsubsidie voor zou kunnen aanvragen. Iedere man in Nederland wilde Wesley zijn, net als iedere vrouw (en anders was Yolanthe ook prima).